Nationale Plantentuin van België



Het Herbarium van de Plantentuin

  • Waar te zien in de Plantentuin: in het herbariumgebouw; echter enkel toegankelijk voor wetenschappers of bij speciale rondleidingen.

Herbariumgebouw Nationale Plantentuin van België

Wat is een herbarium?
Een herbarium is een collectie van gedroogde planten die op vakkundige wijze verzameld, gedroogd en gemonteerd zijn. In een afgeleide betekenis is het herbarium de plaats waar collecties van gedroogde planten bewaard worden. Het is met andere woorden een archief van gedroogde planten; hierdoor is het een belangrijke bron van informatie over de verscheidenheid aan planten. Over de hele wereld zijn er ongeveer 3000 geregistreerde herbaria. Om praktische redenen wordt aan ieder geregistreerd herbarium een code toegekend. Het Herbarium van de Nationale Plantentuin kreeg BR als code. Meestal zijn herbaria verbonden aan plantentuinen, universiteiten of natuurhistorische musea. Zo maakt het Herbarium BR deel uit van de Nationale Plantentuin, in Meise.

Het herbariumspecimen
Planten kunnen op verschillende manieren duurzaam bewaard worden. De meest eenvoudige en efficiënte manier is nog steeds de planten plat te persen en te drogen. Vervolgens worden ze op stevige vellen papier gemonteerd. Op ieder vel wordt een etiket aangebracht dat de naam van de plant, de vindplaats, de verzameldatum, de naam van de verzamelaars en eventuele opmerkingen zoals de bloemkleur vermeldt. Vaak worden ook later nog nota's toegevoegd. Dit kunnen correcties op vroegere waarnemingen zijn, naamsveranderingen, verwijzingen naar literatuur of referenties naar het feit dat men dit materiaal gebruikt heeft voor een bepaald onderzoek. Tenslotte wordt steeds aangeduid welke instelling de eigenaar is, zodoende kan men dit materiaal makkelijk uitlenen en localiseren. Het geheel - de gemonteerde plant en alle informatie, die eventueel later toegevoegd werd - noemt men een herbariumspecimen.

De vele functies van het Herbarium
Herbariumspecimens zijn de belangrijkste instrumenten waarmee men de diversiteit van planten voor een bepaald gebied of op wereldschaal bestudeert en inventariseert. Determinatiesleutels, flora's, checklists en verspreidingskaarten worden met behulp van herbariummateriaal gemaakt. Nieuwe soorten planten worden ook steeds beschreven op basis van herbariummateriaal. Meer nog, de naam van een soort is steeds verbonden aan één concreet herbariumspecimen, het 'type'. Bij het afbaken van een nieuwe soort en het geven van een naam aan deze soort wordt er één herbariumspecimen gekozen. De naam van deze soort wordt verbonden aan dit specimen. Met andere woorden een naam van elke bestaande plantensoort is onherroepelijk verbonden aan één herbariumspecimen. Men kan het een beetje vergelijken met de naamgeving van nieuwe automodellen. De naam van een bepaald type auto is verbonden aan het prototype van deze auto. In het Herbarium van de Nationale Plantentuin in Meise zijn er ca. 2,5 miljoen herbariumspecimens en meer dan 16.000 types aanwezig. Verder wordt het Herbarium gebruikt bij de identificatie van niet-gedetermineerd plantenmateriaal. Bij het identificeren van planten maakt men meestal gebruik van deterimatiesleutels uit flora's en gaat de plant die men wil identificeren vergelijken met herbariummateriaal. Hierbij zijn herbaria handige referentiecollecties. Deze functie is essentieel: pas als je de naam van iets kent, kan je er over praten. Het kennen van een naam kan belangrijk zijn voor wetenschappers, boeren, handelaars in zaden en planten, gerechtsdeskundigen, artsen, etnografen, en landbouwkundigen. Tenslotte bewaart het Herbarium ook getuigemateriaal van wetenschappelijk onderzoek. Zonder een getuigemateriaal is wetenschappelijk onderzoek niet verifieerbaar en dus waardeloos. Wetenschap gaat immers enkel vooruit door het opstellen van hypotheses die men later opnieuw kan testen. Hierbij moet alles - dus ook het bestudeerde materiaal - verifieerbaar zijn.

Herbariummateriaal: een rijke bron van informatie
Herbariummateriaal heeft één zeer groot voordeel ten opzichte van levende planten: het kan gemakkelijk bewaard en gemanipuleerd worden. Bovendien kan een herbariumspecimen indien het met de nodige zorg behandeld wordt, eeuwenlang bewaard blijven. De oudste gekende specimens van het Herbarium dateren van omstreeks 1780. Voor vele studies is herbariummateriaal dan ook het basismateriaal waarop men werkt. Niet alleen omdat men hier permanent bladeren, bloemen en vruchten ter beschikking heeft (dit in tegenstelling met levende planten waarbij men moet wachten tot ze bloeien of vruchten dragen), maar ook omdat het op een eenvoudige wijze te bestuderen is. Met behulp van herbariummateriaal kan men immers makkelijk de vorm (morfologie) van de plantenonderdelen bestuderen. Na opkoken van het gedroogde materiaal krijgen bloemen, bladeren en vruchten immers hun oorspronkelijke vorm terug. Hierdoor is goed verzorgd herbariummateriaal het ideale uitgangspunt voor morfologische studies van planten. Na uitgebreide morfologische studies van herbariummateriaal komt men tot de afbakening, beschrijving en naamgeving van verschillende plantensoorten. Zelfs de genetische code van planten kan men op basis van vakkundig gedroogd herbariummateriaal bestuderen. Door het vergelijken van de genetische code van verschillende soorten kan men de verwantschappen tussen plantensoorten achterhalen en hun evolutie reconstrueren. Als de verzamelaar een gedroogd specimen daarenboven nog voorziet van etiket met precieze informatie over vindplaats, waarnemingen zoals de kleur van de bloemen, ecologie, groeiwijze, volksgebruik en volksnamen is dit zeer waardevol. Op basis van deze etiketgegevens kan men iets te weten komen over de verspreiding van planten. Dit wordt ondermeer gebruikt voor natuurbeschermings- en natuurontwikkelingsplannen. Alhoewel vooral plantkundigen gebruik maken van herbariummateriaal kunnen ook geschiedkundigen en antropologen hiermee aardig wat te weten komen over bijvoorbeeld oude volksnamen of het medicinaal gebruik van planten. Het Herbarium maakt deel uit van ons cultureel, historisch en wetenschappelijk erfgoed.

De geschiedenis van het Herbarium van de Nationale Plantentuin
De oorsprong van Herbarium van de Nationale Plantentuin gaat terug op de stichting in 1826 van de 'Koninklijke Maatschappij van Kruid-, bloem- en boomkweekerije der Nederlanden' onder het Nederlands bewind. In 1837 verandert de naam van deze vereniging in 'Société Royale d'Horticulture de Belgique'. Aanvankelijk ging de interesse vooral uit naar de nieuwe wereld. Onder impuls van B. Dumortier, plantkundige en politicus, kocht de Belgische Staat in 1870 de eigendommen van de 'Société'. Dit werd de 'Jardin Botanique de L'Etat'. Nauwelijks één jaar later kocht de Belgische regering het beroemde Von Martius Herbarium. Dit herbarium bevat ca. 300.000 herbariumexemplaren van over de hele wereld. Deze collectie werd onder andere gebruikt bij het maken van de monumentale 'Flora Brasiliensis', de eerste flora voor Brazilië. Ook het palmenherbarium van Von Martius behoort bij deze collectie. Na de oprichting van Kongo Vrijstaat (1885) verschuift de aandacht naar 'Kongo'. Talrijke aanwinsten van zeer interessant materiaal zullen volgen. Wanneer we naast de hogere planten ook de mossen, varens, wieren, korstmossen, schimmels en paddestoelen mee tellen dan bevat het Herbarium ruim 3 miljoen specimens. Het Herbarium van de Nationale Plantentuin is één van de 25 grootste herbaria ter wereld. We onderscheiden drie grote delen. Het Belgisch Herbarium telt ongeveer 300.000 herbariumexemplaren, afkomstig van België en Luxemburg. Het bevat zowel historisch als recent materiaal. Het rozenherbarium van Crépin is waarschijnlijk het grootste ter wereld. Het Afrikaanse Herbarium behandelt tropisch Afrika ten zuiden van de Sahara, incl. Madagaskar en de eilanden van het westelijk deel van de Indische Oceaan. Het zwaartepunt van dit herbarium ligt in Midden-Afrika (Congo-Kinsasha, Rwanda & Burundi). Voor de studie van de Midden-Afrikaanse flora is BR het belangrijkste herbarium van de hele wereld. In het Algemeen Herbarium is het materiaal van de rest van de wereld samengebracht. Dit bevat zeer belangrijke historische collecties uit de negentiende eeuw (o.a. het Martius Herbarium, Galeotti, Pittier & Durand). Deze collecties werden gebruikt bij het maken van de eerste flora's van Centraal en Zuid-Amerika.

Voor vragen over een bezoek aan de Plantentuin, contacteer Patrick Bockstael (Tel.: + 32 2 260 09 70).

Nationale Plantentuin van België
Domein van Bouchout
B-1860 Meise