Plantentuin Meise

 Onderzoek

2014 - Myxomyceten in de Democratische Republiek Congo | Français


CongoMyxomyceten of plasmodiale slijmzwammen zijn een fascinerende groep reuzenamoeben. Hun levenscyclus omvat een mobiele, amoeboïde fase waarin ze over het substraat glijden terwijl ze zich voeden met bacteriën. Om zich voort te planten, vormen ze immobiele vruchtlichamen die sporen bevatten. Myxomyceten kunnen in alle terrestrische ecosystemen voorkomen op rottend hout en ander plantaardig afval. Sommige zijn kosmopolieten, terwijl andere gebonden zijn aan specifieke milieus, zoals bijvoorbeeld de schors van levende bomen of de rand van smeltende sneeuwplekken in (sub)-alpiene gebieden.

Myxomyceten zijn relatief goed gekend in de gematigde klimaatzones van het noordelijk halfrond. Tijdens de laatste dertig jaar is er meer veldwerk in tropische streken verricht. In de in 2009 in Mycotaxon gepubliceerde soortenlijst van Afrikaanse myxomyceten, gebaseerd op literatuurgegevens, werden slechts negen soorten vermeld voor de Democratische Republiek Congo. Nochtans zijn 21 soorten van dat land al vermeld in de twee volumes van de Flore Illustrée des Champignons d’Afrique centrale, door de Plantentuin uitgegeven in de vroege jaren ‘80. In 2014 is het verzamelen van gegevens gestart om een volume uit te geven over myxomyceten in de reeks Fungus Flora of Tropical Africa van de Plantentuin.

Het herbarium van de Plantentuin bevat 1094 specimens van myxomyceten afkomstig van Afrika; 407 (84 soorten) daarvan komen uit de Democratische Republiek Congo. De meeste Congolese specimens werden verzameld in de provincies Katanga, Noord-Kivu en Zuid-Kivu in de periode 1980-1990. Door deelname aan de Boyekoli-Ebale-Congo-2010-expeditie werden 159 veldcollecties (50 soorten) toegevoegd aan de verzameling.

In het bezochte gebied, dat zich bevindt in het westen tot noordwesten van Kisangani, werd nooit eerder naar myxomyceten gezocht. Verschillende habitats zijn onderzocht in 2010, van kaalgekapte stukken tot primair laaglandregenwoud. De substraten die meer dan 60 % van de veldspecimens opbrachten waren dode stronken, stammen en stengels van verschillende plantensoorten, inclusief oliepalmen waarop dikwijls zeer grote kolonies vruchtlichamen van myxomyceten tot ontwikkeling waren gekomen. Afgevallen bladeren bleken ook een productief substraat te zijn dat interessante soorten opbracht.

In 2013 is veldwerk uitgevoerd in the kader van het COBIMFO (Congo Basin Integrated Monitoring for Forest Carbon Mitigation and Biodiversity) project in het Mens-en-Biosfeerreservaat in Yangambi. Deze recente studie genereerde 305 specimens die 100 soorten vertegenwoordigen. Het belangrijkste substraat, met 55 % van de vondsten, was hier bladafval.

Door de veldcampagnes van de Boyekoli-Ebale-Congo-2010-expeditie en het COBIMFO-project in 2013 werden 45 soorten toegevoegd aan de soortenlijst van de Democratische Republiek Congo, zodat het totaal op 129 soorten kwam. Hiermee komt dit land samen met Madagaskar op de tweede plaats in de lijst met meest soortenrijke landen van Afrika op gebied van plasmodiale slijmzwammen, net na Tanzania (133 soorten). Uit de eerder gepubliceerde checklist van Afrika blijkt dat in 49 % van de landen minder dan 20 soorten gekend zijn, terwijl de omstandigheden meestal ideaal zijn voor myxomyceten. Door degelijke inventarisaties zal blijken dat in werkelijkheid deze landen een veel grotere soortenrijkdom bevatten. Hier kan de Plantentuin een belangrijke rol spelen door veldstudies uit te voeren en lokale specialisten op te leiden.




Een overzicht van onze activiteiten in Afrika:

  1. Kennis over Afrikaanse planten en paddenstoelen bewaren.
  2. Kennis over Afrikaanse planten en paddenstoelen delen.
  3. Afrikaanse planten en paddenstoelen onderzoeken.
  4. Samenwerken met Afrikaanse botanische tuinen en onderzoekers
Het logo van Plantentuin Meise Even voorstellen | Opdracht | Geschiedenis | Vacatures | Vrijwilligers | PartnersSteun ons | Contact | © 2017 Plantentuin Meise Facebook Twitter Youtube Flickr Newsletter Issuu Scribd